Geen order en verzendkosten!

HARTFALEN TIJDENS SPORT

Sporten verlaagt de kans op onder andere hart- en vaatziekten. Toch worden jaarlijks 200 tot 400 sporters getroffen door een plotselinge hartstilstand. Plotselinge dood – ook wel “sudden death” genoemd - komt, in tegenstelling tot wat de benaming suggereert, zelden uit de lucht vallen. Uit onderzoek blijkt dat slachtoffers van een hartstilstand in de vier weken voorafgaande aan hun overlijden meer gezondheidsklachten hadden dan normaal. Deze acute hartdood in de sport staat momenteel zeer in de belangstelling. Iedereen herinnert zich de dramatische momenten van een sporter die in het veld of thuis plotseling overlijdt. Recente voorbeelden zijn de marathonschaatser Sjoerd Huisman eind december 2013 en de Spaanse voetbalinternational Antonio Puerta die zonder enige voortekenen acuut overleden. Exacte getallen ontbreken maar sinds 2008 bestaat er wel een landelijke registratiebank Sportcor waarin de gegevens worden verzameld van alle sporters die plotseling een hartstilstand krijgen.

Oorzaken

De oorzaken van de hartdoden zijn nog niet volledig in kaart gebracht. Toch is de groep globaal te verdelen in jonge sporters (tot 35 jaar) en oudere sporters (ouder dan 35 jaar). Bij de jonge sporter kan er sprake zijn van aangeboren hartziekten. Het is hierbij van belang te beoordelen of er een familiaire belasting is. Een van de belangrijkste oorzaken van plotselinge dood bij jonge sporters is namelijk een aangeboren hartziekte, cardiomyopathie.

Cardiomyopathie (of hartspierziekte) is een ziekte van de hartspier, deze is verdikt of verwijd; er zijn verschillende vormen van cardiomyopathie.

De oudere groep overlijdt meestal aan verworven hartziekten zoals de bekende vernauwing of afsluiting van de kransslagader (in 85% van de gevallen). Een acute hartdood tijdens sport kan daarbij helaas het eerste verschijnsel zijn. Dat zijn overigens bijna allemaal mannen (95%), gemiddeld 54 jaar oud. Van alle gevallen in Nederland gebeurt 20% tijdens voetbal, 10% tijdens fietsen, 10% tijdens joggen, 7% tijdens tennis en 6% tijdens fitness.

Onder de volwassenen groeit de sportdeelname nog steeds. Die groei heeft vooral te maken met de sterke toename van het aantal wandelaars, fietsers en hardlopers en met de toename van het aandeel dat buiten verenigingen en sportscholen om en niet wekelijks sport. In de afgelopen tien jaar is de sportdeelname het sterkst gestegen bij de 65-plussers.


Jaarlijks worden enkele honderden sporters getroffen door een plotselinge hartstilstand. In Nederland is tot nu toe weinig bekend over de oorzaken en frequentie hiervan. Om dit te onderzoeken, is in 2008 Sportcor opgericht. Sportcor, een initiatief van de Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG) en de Nederlandse Vereniging van Cardiologie (NVVC), is een landelijke registratiebank, waarin de gegevens worden verzameld van alle sporters die plotseling een hartstilstand krijgen. Met alle gegevens gaan zij verder onderzoek doen om de sterftecijfers onder sporters naar beneden te brengen.

/content/images/hartfalen/image6.jpeg www.nvvc.nl
/content/images/hartfalen/image7.jpeg www.vsg.nl

UITKOMST RECENT ONDERZOEK IN HET NIEUWS

Plotse hartdood bij sporters vermijdbaar - Nieuwe inzichten over management van hartgezondheid en risicofactoren bij sporters

Cardiologen vanuit de gehele wereld hebben in september 2013 hun kennis over plotse dood bij sporters uitgewisseld tijdens het prestigieuze European Society of Cardiology Congress (ESC) in Amsterdam. Daarbij werden nieuwe inzichten gepresenteerd waardoor er eerder en sneller duidelijk wordt welke personen een groter risico lijken te hebben op het ontwikkelen van hartklachten tijdens het sporten. Soms gaat het om een structurele ziekte. Maar er zijn ook andere oorzaken. Er wordt onder andere aandacht geschonken aan de zogenaamde 'endurance training-geïnduceerde hartziekte’ die optreedt bij duursporters.

http://www.stin.nl/actueel/archief/bericht:plotse-hartdood-bij-sporters-vermijdbaar-29-09-2013.htm

Plotselinge hartstilstand wordt dus niet veroorzaakt door het sporten, maar door een onderliggende, vaak onbekende hartaandoening. Een hartstilstand kan overal gebeuren maar de aanwezigheid en inzet van een AED kan de overlevingskans van het slachtoffer sterk vergroten; zie de succesvolle inzet van een AED tijdens de Dam-tot-Damloop in 2010: http://www.dutchrunners.nl/Hardlopen-site/dutch-runners/nieuws/aed-met-succes-ingezet-tijdens-damloop).

De oorzaak van plotse hartdood bij sporters is complex.

Het merendeel van de acute doden tijdens sport wordt veroorzaakt door nog niet ontdekte hartafwijkingen, veelal aangeboren. HYPERLINK NAAR BOVEN Tegenwoordig zijn er wel vragenlijsten samengesteld waarmee sporters kunnen controleren of zij een verhoogd risico lopen. Daarnaast kunnen trainers zich bekwamen in het reanimeren, ook met behulp van een AED en zij kunnen klachten signaleren en op waarde schatten. Een onderzoek over het relatief grote aantal hartstilstanden onder (amateur)voetballers uitgevoerd aan de Universiteit Maastricht in 2007 is daarin zeer interessant: ‘Elk jaar 25 hartdoden op voetbalveld. Relatief veel fatale hartstilstanden onder (amateur)voetballers’ HYPERLINK Achtergrond is dat verschillende studies hebben aangetoond dat er een verhoogde kans op het oplopen van een plotse hartdood is tijdens inspanning. Andere studies hebben een enorme toename van de kans op overleven aangetoond wanneer er na het optreden van een hartstilstand wordt gereanimeerd met een AED, in vergelijk met reanimatie zonder AED. Het tijdig aanwezig hebben van een AED bij plotse hartstilstanden kan dus wellicht het aantal plotse hartdoden tijdens inspanning terugbrengen.

Soms wordt de plotse hartdood veroorzaakt door een stompe klap op de borst – van bijvoorbeeld een honkbal of ijshockeypuck.



Elk jaar 25 hartdoden op voetbalveld

Relatief veel fatale hartstilstanden onder (amateur)voetballers (2007)

Drs. Jeu Sprengers, KNVB-voorzitter en Lid van het Uitvoerend Comité van de UEFA, heeft vanochtend in Maastricht de resultaten van een wetenschappelijk onderzoek in ontvangst genomen naar het aantal hartstilstanden in de hoogste afdelingen van de Nederlandse amateurvoetbalcompetities. Gebleken is dat in Nederland 2,3 fatale hartstilstanden per 100.000 voetballers per jaar optreden, wat neerkomt op jaarlijks 25 hartdoden. Nog eens 25 personen krijgen een hartstilstand. Zij overleven deze weliswaar, maar vaak met blijvende, ernstige letselschade. Ook is in het onderzoek vastgesteld dat slechts een op de drie voetbalvereningen beschikt over een AED.

Schokkende cijfers

Het onderzoek is in de eerste helft van 2007 uitgevoerd door Bewegingswetenschapper drs. Dirk Veldman, als afstudeeropdracht aan de Universiteit van Maastricht, in samenwerking met de KNVB en het Sportmedisch Centrum Papendal, onder supervisie van de Maastrichtse arts drs. Jos Benders. In het kader van zijn studie deed Veldman onderzoek bij een 100-tal voetbalverenigingen die uitkomen in de hoogste klassen van het amateurvoetbal, met in totaal meer dan 60.000 leden. Veldman: 'De cijfers zijn schokkend, echter niet verrassend. Ook eerdere onderzoeken in Italië hebben aangetoond dat het aantal fatale hartstilstanden onder sporters rond de 2,1 per 100.000 sporters per jaar ligt.'

Reanimatievoorzieningen

Behalve het aantal gevallen van hartstilstanden onderzocht Dirk Veldman ook hoe de staat van de reanimatievoorzieningen van de deelnemende verenigingen op het moment van meten was. Hierbij werd vooral gekeken naar de aanwezigheid van AED’s. De overlevingskansen stijgen van ongeveer 5% tot maar liefst minimaal 50% wanneer tijdig met een AED wordt gereanimeerd. Slechts een op de drie ondervraagde verenigingen bleek in het bezit te zijn van een AED, óf met de aanschaf hiervan bezig te zijn. Naar verwachting is dit aantal bij voetbalverenigingen in de lagere klassen zelfs nóg geringer. Ook bleek de kennis over reanimatie langs de lijn vaak erg beperkt. Veldman: 'Mede in het licht van een aantal recente ongevallen pleit ik er dan ook voor dat verenigingen de aanschaf van een AED hogere prioriteit dan tot dusverre gaan geven.' Door middel van de overdracht van het onderzoek aan bondsvoorzitter Jeu Sprengers wordt getracht extra aandacht te vragen voor het fenomeen hartstilstanden in de voetballerij, om zo uiteindelijk het aantal fatale hartstilstanden te kunnen terugbrengen.

BRON: Drs. D. Veldman, Plotse Hartdood bij Voetballers – Een onderzoek naar incidentie van plotse hartstilstanden en medische voorzieningen in het Nederlandse amateurvoetbal, Universiteit Maastricht, september 2007.

Voor meer informatie zie:

Het opmerkelijke aantal sterfgevallen onder profvoetballers zou wellicht een andere oorzaak kunnen hebben. De Deense tv-documentaire With death on the pitch uit 2006 heeft daartoe een poging gedaan; bij de lijkschouwing werd namelijk geen duidelijke oorzaak voor de dood van menig profvoetballer gevonden, maar er waren wel een aantal parallellen: de voetballers overleden aan een acute hartstilstand, waren jong en vaak geblesseerd. De programmamaker komt na een lange zoektocht langs artsen, collega-voetballers en naaste familieleden van de slachtoffers - Europese profvoetballers - tot de constatering, dat het veelvuldig en langdurig gebruik van bepaalde pijnstillers (om blessures te bestrijden en om op de been te blijven in het teambelang) een van de belangrijkste overeenkomsten was.In een artikel uit 2006 als reactie op deze documentaire kwam een aantal clubartsen en (oud-)spelers van Nederlandse eredivisie-clubs aan het woord; ook Nederlandse clubartsen schrijven geregeld pijnstillers voor aan spelers, „met beleid” volgens de clubartsen. In alle gevallen gaat het om de zogenoemde NSAID’s (niet-hormonale ontstekingsremmers als diclofenac, naproxen en ibuprofen). Spelers slikken ze in principe voor een korte periode, om te kunnen revalideren of trainen, maar de vraag is hoe schadelijk het langdurig gebruik van pijnstillers door voetballers is. Die vraag is moeilijk te beantwoorden, omdat er nooit gedegen wetenschappelijk onderzoek is verricht. Uit studies blijkt wel  dat het gebruik van bepaalde ontstekingsremmers bij mensen met reuma en gewrichtspijn tot hartproblemen kan leiden. „Mensen met chronische klachten slikken soms jarenlang pijnstillers”, zegt Ton de Boer, hoogleraar farmacotherapie aan de Universiteit Utrecht. „Maar dat betekent niet dat ze ongevaarlijk zijn. Pijnstillers kunnen zorgen voor een verhoogde bloeddruk, maagbloedingen en hartfalen bij mensen met een hartzwakte. Hoe groot de kans op bijwerkingen is, hangt af van iemands gezondheidssituatie.” Ik kan mij voorstellen dat trainers – door de grote commerciële belangen – druk uitoefenen op clubartsen om voetballers speelklaar te maken. Daarbij realiseren zij zich niet dat pijnstillers het herstel vertragen; rust is altijd de beste oplossing. Clubartsen onderkennen de gevaren van het langdurig gebruik van pijnstillers. „Pijn is een signaal”, zegt Sjoerd-Jan de Vries, sinds zeven jaar clubarts van NEC. „Als je pijn onderdrukt, loop je een verhoogd risico op blessures.

Onderzoeken zijn ook nog steeds gaande over een andere oorzaak van plotse dood (sudden death) gerelateerd aan duursport, de zogenaamde 'endurance training-geïnduceerde hartziekte’. Uit een onderzoek uitgevoerd aan de universiteit van München en gepresenteerd op een cardiologencongres in 2012 komt naar voren dat er een groot verschil is tussen het risico op de plotse dood bij het lopen van een marathon of een halve marathon voor atleten van gemiddeld leeftijd. Uitkomst van dit onderzoek is dat het lopen van marathons een sterk verhoogd risico op plotse (hart)dood geeft, afhankelijk van leeftijd, geslacht en trainingstatus. Het risico van een halve marathon is beduidend lager


Martin Halle, MD - Dept Prevention and Sports Medicine, Technische Universität, Munich, Germany.   

Motivatie, kracht, techniek en een goede uitrusting bij duursporten zijn zeer belangrijke ingrediënten om zo optimaal mogelijk te presteren en succes te hebben in de competitie. Daarnaast is het voor de duursporter belangrijk dat hij aan zijn maximale zuurstofbehoefte kan voldoen. Door het intensieve trainingsschema van de duursporter treden echter een aantal veranderingen op. Het hart gaat meer bloed uitpompen, de spieren halen meer zuursof uit het bloed en het slagvolume (de hoeveelheid bloed die per hartslag wordt uitgepompt) gaat omhoog. Ook wordt de hartfrequentie in rust lager. De combinatie van deze veranderingen noemt men het sporthart.Het hart van de duursporter blijkt véél meer te verduren te hebben dan tot nu toe is gedacht. Regelmatig wordt er in de kranten geschreven over jonge amateur- en topsporters die onverwacht een hartstilstand hebben gekregen, soms met dodelijke afloop. Tot voor kort hadden hartspecialisten er niet echt een concreet idee van wat voor invloed de beoefening van duursporten heeft op het hart. Daarin is verandering gekomen door het onderzoek dat dr. Jan Hoogsteen heeft verricht naar de effecten die systematische duurtrainingen hebben op het hart en ook hoe het sporters met een hartritmestoornis vergaat; het onderwerp waarop hij is gepromoveerd: Hartritmestoornissen bij duursporters (november 2006). Op grond van het onderzoek geeft dr. Hoogsteen een aantal richtlijnen voor cardiologen aan de hand waarvan zij kunnen bepalen welke sporters met (mogelijk) hartritmestoornissen zonder bezwaar kunnen deelnemen aan competitiesport. Het is echter onmogelijk om alle atleten te screenen op een hartafwijking, die een risicofactor inhoudt voor plotse hartdood. Praktisch gezien moet de arts een selectie maken om tot de beste individuele bescherming te komen voor de atleet.

Voor meer informatie zie:

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. In eleifend congue lacus, ut vulputate odio euismod eget. Phasellus rutrum sapien vel vestibulum condimentum. Donec suscipit sollicitudin libero sed luctus. Curabitur maximus, velit ac ullamcorper tincidunt, mauris neque ornare tortor, vel accumsan dui turpis eu nibh. Mauris tristique turpis tortor, et sollicitudin nisi finibus vitae. Quisque facilisis, neque non bibendum viverra, urna nibh fringilla metus, in lobortis erat nisl vehicula eros. Donec in ante at metus mollis tincidunt. Sed vestibulum vitae odio imperdiet luctus. Suspendisse elementum, magna ac lacinia pellentesque, velit lacus interdum sapien, quis cursus tortor velit in quam. Sed fermentum leo blandit dui consectetur ultrices.

Onderzoek probeert hartaanvallen bij sporters te voorkomen (maart 2012)

Tim Luijkx (28) is in 2012 gepromoveerd op onderzoek naar hartziekten bij sporters. Met dit onderzoek kun je bepalen of een sporter een afwijkend hart heeft door MRI-scans van het hart van sporters te maken en goed te analyseren (T. Luijkx, ‘Cardiac MRI in Athletes’, dissertatie-onderzoek aan de Universiteit Utrecht 2012).

Sport-gerelateerde plotse dood bij de algemene bevolking (onderzoek 2011)

Een groots opgezet onderzoek in Frankrijk is uitgevoerd over een periode van 5 jaar om te kijken naar de plotse doden onder de ‘gewone sportende bevolking’; hierover waren weinig onderzoeksgegevens beschikbaar. Dit nationale onderzoek - uitgevoerd tussen 2005 en 2010, in de leeftijdsgroep van 10 tot 75 jaar – liet zien dat er 4.6 van deze plots dood-gevallen per milljoen mensen jaarlijks zijn, 6% daarvan bij jonge competatieve sporters. Meer dan 90% van de gevallen gebeurde in de context van de recreatieve sporten. De leeftijd van de slachtoffers was relatief jong (gemiddels 46 jaar), en 95% waren mannen. De conclusie was dat sport-gerelateerde plotselinge dood in de algemene bevolking veel vaker voor komt dan voorheen gedacht. Vroege reanimatie door omstanders en gebruik van een AED waren daarbij de sterkste, onafhankelijke voorspellers van goede overleving van een slachtoffer

Voor meer informatie zie:

zoekresultaten voor ""